|
In maart 1997 is het Besluit veiligheid attractie- en speeltoestellen ingegaan. Sinds 1 september 2003 heet dit besluit: Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen. Het besluit regelt de veiligheid van alle speeltoestellen die niet bestemd zijn voor particulier gebruik maar voor openbare speelgelegenheden. Trampolines, watertoestellen, waterglijbanen, skatebanen en speeltoestellen voor gehandicapten vallen hier ook onder.
Zelfs kunstwerken met een duidelijke speelfunctie moeten voldoen aan dit besluit. Dit geldt dus ook voor bijvoorbeeld sportverenigingen die speeltoestellen voor de kinderen van hun leden plaatsen.
Het besluit is van toepassing op de gehele levensduur van speeltoestellen en stelt regels aan:
* De veiligheid van het speeltoestel zelf (= de verantwoordelijkheid van de producent).
* De verantwoordelijkheid van de beheerder voor de veiligheid van het toestel.
* Bij de toepassing van de veiligheidseisen aan speeltoestellen worden Europese normen gehanteerd: de EN 1176 en EN 1177. Naast een certificaat van typekeuring moeten nieuwe speeltoestellen ook voorzien zijn van een bouwtekening en een logboek.
Verplichtingen voor de beheerder
Beheerders van speeltoestellen moeten voldoen aan de eisen die in het besluit staan:
* Speeltoestellen van na maart 1997 moeten goedgekeurd zijn en voorzien van een typekeurcertificaat. Tevens moet de goedkeuring zichtbaar zijn met een sticker of plaatje.
Voor toestellen van vóór maart 1997 geldt dat de beheerder alles moet doen om deze toestellen veilig te houden of veilig te maken.
* Per speeltoestel moet een logboek bijgehouden worden. Hierin staan naast de toestelgegevens ook data waarop inspecties, reparaties en ongelukken plaatsgevonden hebben.
* Speeltoestellen moeten in een zodanige conditie gehouden worden dat het gebruik geen gevaar voor de gezondheid en veiligheid oplevert. Speeltoestellen moeten geïnspecteerd worden.
Goedkeuring
Volgens de wet moet elk speeltoestel goedgekeurd zijn door een aangewezen keuringsinstantie voordat het op de speelgelegenheid geplaatst mag worden. Bij de levering van een speeltoestel is de leverancier verplicht om zichtbaar op het toestel een unieke toestelcodering aan te brengen. Daarnaast moet bij het toestel een logboekblad en een productspecificatie geleverd worden. Op deze documenten moeten ook het serienummer en typekeurcertificaat zichtbaar zijn.
Pionieren
In de wet wordt een uitzondering gemaakt voor speeltoestellen die als element van het spel onder toezicht gemaakt worden. Toeschouwers, ouders en kinderen die niet aan het toestel hebben gebouwd mogen er niet op spelen.
Toegewezen keuringsinstelling
Speeltoestellen geplaatst na 26 maart 1997 moeten zijn gecertificeerd volgens het Warenwetbesluit (tot 1 september 2003 volgens het BVAS). De overheid wijst keuringsinstellingen aan die bevoegd zijn de wettelijk verplichte certificaten uit te geven. In 1997 hoorde het Keurmerkinstituut (toen nog Speelkeur geheten) tot de eerste instellingen die werden aangewezen. De actuele lijst van aangewezen keuringsinstellingen is te vinden op de website van de Voedsel en Waren Autoriteit.
Bron: CIVIQ
|