| Vennootschapsbelasting |
|
Bedrijven en instellingen die winst maken betalen vennootschapsbelasting over de winst. De belastingdienst maakt onderscheid tussen natuurlijke en rechtspersonen. Daar waar natuurlijke personen belasting betalen over hun inkomen moeten rechtspersonen (bedrijven en organisaties) belasting over de winst betalen. Dat wordt ook wel vennootschapsbelasting genoemd. De meeste vrijwilligersorganisaties zullen niet belastingplichtig zijn voor de vennootschapsbelasting omdat ze geen onderneming drijven of werkzaamheden verrichten die concurrerend zijn voor andere bedrijven (artikel 4 wet op de vennootschapsbelasting). Daarbij worden de inkomsten volledig ingezet voor de hoofddoelstelling van de vereniging of stichting. Er is dan geen winst waarover belasting betaald moet worden. Criteria voor vennootschapsbelasting Voor het bepalen of de activiteiten van de organisatie onder de vennootschapsbelasting vallen zijn bepaalde criteria van belang. Allereerst moet sprake zijn van het drijven van een onderneming. Onder een onderneming verstaat de Wet op de vennootschapsbelasting: "Een duurzame organisatie van kapitaal en arbeid die door deelname aan het economisch verkeer beoogt winst te behalen". In deze definitie zijn vier dingen van belang:
Wanneer een stichting of vereniging verschillende activiteiten uitvoert, moet per activiteit bekeken worden of er sprake is van het bedrijven van een onderneming en van winststreven. Wanneer dit het geval is, betaalt de stichting of vereniging over de winst vennootschapsbelasting. Het tarief voor de vennootschapsbelasting is 20% over de eerste € 40.000,- van het belastbare bedrag 23% over de volgende € 40.000,- tot € 200.000,-en 25,5% over de rest. Vrijstellingen Om te beoordelen of een activiteit vrijgesteld is van vennootschapsbelasting zijn de volgende voorwaarden opgesteld:
Voor inkomsten uit een kantine kan onder voorwaarden gebruik gemaakt worden van een speciale regeling voor kantines: de zogenaamde kantineregeling. Om voor vrijstelling in aanmerking te komen te komen moet de vereniging of stichting in het bezit zijn van een notariële akte van oprichting, ingeschreven staan bij de Kamer van Koophandel en moeten ze voldoen aan een aantal boekhoudkundige verplichtingen. De boekhouding van de stichting of vereniging moet altijd actueel en doorzichtig zijn. Hiervoor is het bestuur wettelijk verplicht zorg te dragen. Ook moet het bestuur binnen zes maanden na het boekjaar een balans en jaarrekening opmaken. Daarnaast hebben stichtingen en verenigingen voor de belastingwet:
|